Militair historicus Peter Janssen bezig met zijn grote passie. Foto: Theo Huijskes
Militair historicus Peter Janssen bezig met zijn grote passie. Foto: Theo Huijskes

Peter Janssen doet onderzoek naar Duitse oorlogsgraven

In het kader van '75 jaar vrijheid in Nederland'

Door Theo Huijskes

GROENLO - Om maar zo duidelijk mogelijk aan te geven dat hij een militair historicus is met een voorkeur voor de Duitse Krijgshistorie, laat hij met gepaste trots niet alleen zijn visitekaartje zien, maar ook zijn website 'Janssen Militaria'. Het gaat in dit niet alledaagse geval om Peter Janssen, geboren op 21 november 1973 in Enschede en thans met partner Nienke Geessinck woonachtig in Eibergen. Alleen woonachtig wel te verstaan, want Janssen is als eigenaar-directeur van de op bedrijventerrein Den Sliem in Groenlo gevestigde machinefabriek De Smidse BV helemaal gefocust op het vestingstadje. Immers, naast zijn dagelijkse werk staat bij de uitoefening van zijn hobby's en andere bezigheden de plaats Groenlo, op tal van terreinen gezegend met een rijke historie, ook nog eens centraal.

"Toen wij in de beginjaren negentig van Enschede naar Groenlo verhuisden in verband met de overname van Smederij J.H. Huijskes & Zn. in de Lepelstraat, voelde ik mij er van meet af aan helemaal thuis. Het is een bijzonder gemoedelijk stadje met een rijk en hecht verenigingsleven, waar bovendien een aangename sfeer heerst en te allen tijde de gemoedelijke ons-kent-ons-mentaliteit wordt gehanteerd", zegt de man die ook graag als onder andere bassist musiceert in Grolse muziekformaties, zoals Muziekvereniging Groenlo, Don't Shoot the Pianoplayer en het inmiddels befaamde buutorkest van carnavalsvereniging De Knunnekes.

Duitse en geallieerde oorlogsgraven
Technisch werktuigbouwkunde gestudeerd hebbende, is Janssen betreffende het dagelijkse beroep in de voetsporen getreden van zijn vader. Daarnaast probeert hij zoveel mogelijk tijd vrij te maken om zich te verdiepen in de geschiedenis in het algemeen en de Duitse Krijgshistorie in relatie tot de Tweede Wereldoorlog in het bijzonder. In dat verband is Janssen onder andere een verwoed verzamelaar van historische documenten op internationaal militair terrein.
Om nog meer in de geschiedenis van Groenlo te kunnen duiken en om vervolgens dezelfde geschiedenis een dienst te kunnen verlenen, heeft Janssen zich vorig jaar, voorafgaande aan de zevende editie van de Slag om Grolle, aangemeld als stadsgids.
"Bezig als gids bij een aantal stadswandelingen dan wel rondleidingen in het vestingstadje Groenlo, ging ik bij mijzelf te rade of en zo ja op welke manier ik voor een uitbreiding zou kunnen zorgen van het al aangeboden pakket. Onder begeleiding van een aantal daarvoor beschikbare, enthousiaste gidsen krijg je, voorzien van deskundige toelichting weliswaar de mooiste plekjes van Groenlo te zien, maar wat is er eigenlijk nog meer? Die vraag aan mijzelf voorleggende, kwam ik uit bij de 113 Duitse oorlogsgraven, alsmede de zes geallieerde oorlogsgraven in Groenlo. Zoals bekend zijn in Groenlo de 113 omgekomen Duitse militairen in 1951 opgegraven en opnieuw begraven op de Duitse militaire begraafplaats in IJsselsteyn, met inmiddels ruim 31 duizend overleden Duitsers de grootste militaire begraafplaats van Nederland. De zes geallieerde graven op de R.K. Begraafplaats in Groenlo met slachtoffers uit het Britse Gemenebest zijn tot op de dag van vandaag intact gebleven en krijgen ieder jaar tijdens de Dodenherdenking op 4 mei de nodige aandacht van onder andere het Groenlose Comité Dodenherdenking."

Nederland 75 jaar geleden bevrijd
Peter Janssen is van mening dat de reeds bestaande aandacht juist in 2020, nu het 75 jaar geleden is dat Nederland werd bevrijd, een nieuwe impuls moet krijgen. "In het verlengde daarvan heb ik tijdens een vergadering van de VVV afdeling Groenlo het idee geopperd om één bepaalde dan wel afzonderlijke stadswandeling in zijn geheel af te stemmen op de hier tijdens de Tweede Wereldoorlog omgekomen militairen en dat ongezien het land van herkomst. Een wandeling waarbij de begraafplaats aan de Lichtenvoordseweg wordt bezocht, al dan niet in combinatie met het internationale project Stolpersteine van de Duitse kunstenaar Gunther Demnig, dat in Groenlo een meer dan bewonderenswaardige en dus bijzonder succesvolle voorbereiding en uitvoering heeft gekregen. Daarnaast mag hierbij niet vergeten worden dat Groenlo tijdens de Tweede Wereldoorlog fungeerde als Rode Kruis-stad. Het toenmalige St. Vincentius-ziekenhuis bekleedde daarbij een centrumfunctie met de aanduiding 'Veldhospital', voor de gehele Achterhoek en zelfs een deel van Twente. Gewonden uit alle hoeken van de regio, zowel Duitsers als gallieerden, werden toentertijd naar Groenlo vervoerd, waarbij al tijdens het vervoer en daarna in het hospitaal vele strijders kwamen te overlijden."
Tijdens genoemde VVV-vergadering werd Janssen geadviseerd om contact op te nemen met het plaatselijke comité Dodenherdenking. "Dat heb ik gedaan, maar los van het gegeven dat de namen van de zes overleden geallieerden wel bekend zijn, zijn de comitéleden niet op de hoogte van de namen, laat staan verdere aanvullende informatie van de in totaal 113, in eerste instantie in Groenlo begraven Duitse slachtoffers."

Blij en voldaan door alle aandacht
Desondanks gaat Peter Janssen ongestoord verder met zijn zoek- en speurwerk. "Ik heb daarvoor het Ministerie van Defensie ingeschakeld en ben zodoende in het bezit gekomen van afschriften van belangrijke documenten, inclusief officiële rapporten. Het is alleen al een hele klus om wat de persoonsgegevens betreft, een complete lijst te krijgen. Dit zeker wanneer je bedenkt dat van de ruim 31 duizend in IJsselsteyn begraven Duitsers 75 jaar later nog altijd 6 duizend namen onbekend zijn. Wanneer de lijst compleet is, wordt er vervolgens werk gemaakt om de bij de desbetreffende personen horende verhalen te achterhalen. Let wel, met alle binnengehaalde gegevens ga ik zelf niets doen. Het is alleen mooi voor onder anderen de nabestaanden in Duitsland, alsmede voor Groenlo en in het bijzonder voor het hier actief opererende Comité Dodenherdenking dat het een en ander bekend en openbaar wordt. De bevestiging hiervan krijg ik tijdens de contacten met de nabestaanden van de overleden en in Groenlo begraven geallieerden, met name Engelse soldaten. In praktisch alle gevallen is men op de hoogte van het overlijden, maar wist men niet waar hun familielid is begraven. Bovendien is men blij en voldaan met alle aandacht die de overledenen jaarlijks op 4 mei krijgen dankzij het Comité Dodenherdenking."

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden