IC-verpleegkundigen (tweede van links Carla klein Breteler) showen de vier omkleedstadia. Foto: eigen foto
IC-verpleegkundigen (tweede van links Carla klein Breteler) showen de vier omkleedstadia. Foto: eigen foto

Zorg met het hart in het SKB

'Soms denk je 'het gaat goed' en vijf minuten later gaat het ineens slecht'

Door Henri Walterbos

WINTERSWIJK/ACHTERHOEK - Delen van de looppaden vanaf de parkeerplaats voor het personeel naar het ziekenhuisgebouw toe zijn sinds enkele weken opgefleurd met door witte graffiti opgebrachte hartjes. Een mooie aanblik. Een symbolisch hart onder de riem voor de bevlogen ziekenhuismedewerkers die alle zeilen bijzetten om meer nog dan de zorg te verlenen die van hen gevraagd wordt deze periode. Meer op zijn plaats kunnen de hartjes niet zijn. Hier wordt zorg met het hart verleend. Geen van de medewerkers is er opuit om op een voetstuk geplaatst te worden, al wordt de waardering wel gewaardeerd. Grote kracht van het personeel, ziekenhuisbreed, is de hartverwarmende saamhorigheid en bevlogenheid van iedere individuele medewerker.

Zo ervaart ook Carla Klein Breteler uit Beltrum, een van die vele (IC-)verpleegkundigen (al 28 jaar, HW) aan de bedden die bovenmenselijke prestaties leveren waarbij topsport vervaagt. "Ik ben enorm trots op het gehele SKB, hoe ze het aanpakken, hoe de Corona-afdelingen ondersteund worden, hoe iedereen bereid is om mee te helpen en te denken." Het komt recht uit haar hart, terwijl ze zelf aan den lijve ervaart wat reportages uit Brabantse ziekenhuizen al geruime tijd laten zien. In het SKB inmiddels hetzelfde beeld. "Dat klopt allemaal wat je in die reportages ziet. Dat is ons beeld ook", vertelt ze maandagmiddag, vlak na haar dagdienst.

Positief getest
Via Facetime praat haar collega Berna Nijhof (30 jaar IC, HW) uit Groenlo mee. Vanuit haar slaapkamer waar ze inmiddels noodgedwongen al drie weken verblijft vanwege het coronavirus dat ook haar velde. "Ik knap alweer aardig op. Het gaat steeds beter", is ze positief. Ze liep het virus ruim drie weken geleden op tijdens haar werk. "Er kwam een patiënt binnen op de IC naar aanleiding van een ongeval die op dat moment geen klachten had. Ik heb deze persoon in het weekend erna verzorgd en kreeg op woensdag ineens klachten, ben ik ziek thuisgebleven. Ik dacht al direct dat het wel eens daar vandaan zou kunnen komen. Twee dagen later werd deze patiënt positief getest. Toen wist ik al genoeg. Ik ben de zondag erna getest. Een dag later wist ik dat ook ik positief was. Ik lag al in bed, was uit eigen beweging vanaf woensdag, voor de zekerheid, direct al in quarantaine gegaan." Het betekende dat ook haar twee kinderen niet meer de deur uit mochten en haar andere dochter die studeert niet thuis mocht komen. Fons, haar echtgenoot, eveneens werkzaam op de IC in het SKB, mocht na overleg weer naar zijn werk, al betekende dat wel volledige isolatie van zijn vrouw. "Ik hoop eind van de week uit bed en quarantaine te komen. De kinderen moeten dan nog wel twee weken thuisblijven, omdat ik ze mogelijk geïnfecteerd zou kunnen hebben. Dat kan zich na twee weken nog uiten. We hebben de quarantaine heel strikt toegepast. Ik kan het me daarom bijna niet voorstellen dat ze geïnfecteerd zijn. Voor hen heeft het ook heel veel impact. Zij moeten zich ook veel ontzeggen hierdoor." Ze spreekt de hoop uit zo snel mogelijk weer aan het werk te kunnen. "Het doet me zo'n pijn dat als er eentje ziek is en in de groepsapp van de IC wordt gevraagd of iemand kan werken. Dan mag ik niet, maar ik wil zo graag. Van de andere kant weet je dat het niet verstandig is."

Hectiek
Bij binnenkomst van de eerste coronapatiënt nam ook de hectiek toe op de IC, vertelt Carla. "Ondanks dat je goed voorbereid bent, weet niemand wat je precies verwachten kunt. Er werden meer materialen besteld, protocollen opgesteld, je oefent alvast met wat je aan moet trekken, en hoe. Er werden meer bedden in gereedheid gebracht, dit werd al snel uitgebreid, met daarbij beademingsapparaten van de operatiekamers, want daar zijn electieve operaties uitgesteld. De personeelsleden die daar normaal werken springen bij op de IC, als ook van de andere afdelingen; we krijgen enorm veel hulp van deze mensen. Het is iedere dag een grote hectiek omdat er continu dingen en voorschriften veranderen, bijvoorbeeld omdat materialen opraken waarvoor dan meteen weer oplossingen worden gezocht."

'Aan de families merk je dat ze zo verdrietig zijn dat ze niet mogen komen'

Bij de eerste patiënt werd het echt spannend. "Je bent bang om zelf besmet te raken, ondanks dat je jezelf goed aan de voorschriften houdt. Ze kwam vanuit het zuiden van het land, geïntubeerd en beademd binnen en werd meteen op de buik gelegd. Inmiddels hebben we ook patiënten uit de Achterhoek op de IC. Binnen de kortste keren was het volle bak. Je hebt er nu een goed beeld van hoe het is. Het wisselt zo snel. Soms denk je 'het gaat goed' en vijf minuten later gaat het ineens slecht, kijkt ze ernstig. "Je kunt er geen pijl op trekken. Normaal gesproken heb je door wanneer er bij een IC-patiënt een stijgende lijn inzit. Bij deze patiënten denk je dat het goed gaat en krijgen ze ineens weer een koortspiek. Dan klapt alles weer in."

Petje af
Ook het aantal patiënten per verpleegkundige loopt op. "Je hebt meestal twee patiënten en dan heb je soms ook nog de verantwoording voor de leerling-IC-verpleegkundigen. Echt petje af voor de leerlingen die we hebben. Zij werken zeer professioneel. Zij draaien volop mee in het team, redden zich erg goed. Deze week had een leerling in de nachtdienst de zorg voor een patiënt die kwam te overlijden. Ze heeft eerst de familie (lees: een dochter) die afscheid nam en niet bij het overlijden wilde zijn, opgevangen, wat echt hartverscheurend was en is toen zelf bij de patiënt gaan zitten, omdat ze niet wilde dat deze man alleen zou overlijden. Daarna weer door naar de volgende nieuwe patiënt, die al wachtte op deze plek. Respect!" Ze is vol lof over haar SKB-collega's. "Het is fantastisch hoe iedereen in het SKB meehelpt. Geweldig. Van de apotheek tot en met logistiek, alles. Het is één groot team."

'Echt petje af voor de leerlingen die we hebben. Zij werken zeer professioneel'

Carla zegt het zelf goed aan te kunnen ondanks dat het zwaar is. Toch laten haar ook zaken niet onberoerd. "Het verzorgen gaat prima, maar het is zo hectisch. Gaat het bij de een goed, gaat het bij de ander ineens heel slecht", zucht ze diep. "Soms sta je uren bij een patiënt zonder een slok of hap. Dat doe je gewoon. Het meest sneu vind ik het voor de families. Dat vind ik vreselijk. De patiënt ligt aan de beademing, weet niet wat er gebeurt en het wordt waarschijnlijk een groot zwart gat in hun leven, omdat ze niet meer herinneren wat er gebeurd is. Maar aan de families merk je dat ze zo verdrietig zijn dat ze niet mogen komen. Ze missen hun geliefde, hun partner, of wat dan ook, enorm. Ze snappen het heel goed. We hebben telefonisch contact. Ik probeer er zoveel als mogelijk tijd voor te nemen, vraag hoe het met ze gaat. Dat is het enige wat je kunt doen. We proberen zoveel mogelijk info te geven. Ook belt de arts een keer per dienst naar de familie met info. We houden van iedereen een dagboek bij. Wij krijgen deze week ook iPads. Dan kunnen we beeldbellen via JITSI, een beeldbeloplossing waarmee je contact kunt maken met de familie, waarvoor we uiteraard eerst toestemming vragen aan de familie. Zo kunnen we toch hun zieke familielid in beeld brengen en kan de intensivist en/of wij naast het bed gezeten info geven."

Doodsangst in de ogen
Ook Carla maakte mee wat zovelen met haar op al die IC's meemaken, een patiënt vertellen, dat voordat hij/zij toch onder sedatie aan de beademing gaat, dat we niet weten hoe het zal verlopen, maar dat we onze uiterste best voor hen gaan doen. "Dat is vreselijk. Je ziet echt letterlijk de doodsangst in hun ogen. Afgelopen week had ik nog een Brabander die vertelde dat er uit zijn kaartclub al vier waren overleden aan de ziekte. Hij was bang dat hij de vijfde zou zijn, maar hij redde het, is al van de IC-afdeling af. Ik vertelde hem moed te houden, dat bloedwaardes goed waren, dat wij alles op alles zetten, 'probeer niet bang te zijn ook al ben je alleen. We komen meteen als het nodig is. Trek aan de bel, of trek desnoods je ECG-plakkers er af, als je je bel niet zo gauw kan vinden, dan proberen we er zo gauw mogelijk te zijn.' Gewoon er even bij gaan zitten en praten helpt soms al, al heb je geen tijd eigenlijk. Het mooie is dat die man een dag later naar de verpleegafdeling ging en moppen begon te vertellen", kijkt Carla zichtbaar blij.

'Er huilt ook wel eens iemand uit, dat ze het even niet meer zien zitten, maar dat toont de betrokkenheid'

"We boeken ook zeker succesjes. Afgelopen week nog een dame uit Limburg van 55, die ik gisteren nog aan de telefoon had vanaf de verpleegafdeling. Ze komt nog heel even langs om 'goeiedag' te zeggen voordat ze naar huis gaat woensdag 'ja, want ik ben een heel stuk van de film kwijt,' vertelt ze dan in het Limburgs." Deze succesjes fleuren haar zichtbaar op, zorgen voor balans. "Er zijn zeker mensen die het redden. Vandaag ook weer bij twee mensen de beademing kunnen stoppen en de beademingsbuisjes kunnen verwijderen. "Dit zijn positieve momenten en dat is heel fijn." Komen patiënten van elders naar SKB, vanuit het SKB vinden ook overplaatsingen plaats. "We hebben ook al iemand uit Aalten naar Duitsland over moeten plaatsen, naar Osnabrück. De intensivist bepaalt dat. Hangt van de toestand van de patiënt af. Voor de familie zo lastig. Dan bellen ze op dat ze de taal niet begrijpen. Dat is zo naar. Ik denk dat er straks nog heel veel mensen met trauma's overblijven."

Lach en een traan
Op de IC-afdeling verloopt het proces met een lach en een traan. "Er huilt ook wel eens iemand uit, dat ze het even niet meer zien zitten, maar dat toont de betrokkenheid. Sommige collega's hebben jonge kinderen thuis. Die krijgen veel op hun bordje, thuis de kinderen begeleiden in het lesgeven, het 'spul' draaiende houden. Je kunt er geen arm om heen slaan. Maar we praten veel en er is intern psychologische hulp beschikbaar. Je probeert ook grapjes te maken, het luchtig te houden. Waar je kunt sta je elkaar bij. Ik kan het zelf tot nu toe goed aan. Thuis draait het, maar het kan mij ook overkomen dat iets me enorm aangrijpt. Ik ben ook maar mens."

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden