Nol Link, achter het glas aan de voorzijde van woonzorgcentrum Hassinkhof in Beltrum.
Nol Link, achter het glas aan de voorzijde van woonzorgcentrum Hassinkhof in Beltrum. (Foto: Theo Huijskes)

HOE GAAT HET MET U?

Weduwnaren Nol Link en Jan Maarse maken er het beste van

Door Theo Huijskes

GROENLO - Voor veel actieve ouderen is het afzien deze dagen. Hoe komen zij hun dagen door? Kunnen ze hun draai vinden, piekeren ze veel of berusten ze in hun situatie? Kortom, hoe gaat het met hen? Correspondent Theo Huijskes sprak met een aantal Groenlose ouderen.

Ik voel mij erg eenzaam
“Op 2 juni hoop ik 87 jaar te worden. Ondanks dat de wereld op dit moment op zijn kop staat, heb ik het hier in woonzorgcentrum Hassinkhof in Beltrum goed naar mijn zin”. Aan het woord is de heer A.M. Link, oftewel Nol voor intimi. “Na de dood van mijn vouw Miep (overleden op 10 november 2019 op 89-jarige leeftijd, ThH) ben ik alleen komen te staan. Wij hadden hier samen een gezellig appartementje, maar als gevolg van haar overlijden moest ik verhuizen naar een éénpersoonskamer. Ik begrijp dat wel, maar door die verhuizing nam de eenzaamheid extra grote vormen aan. Zeker in de huidige crisistijd, nu ik niet naar buiten kan en geen bezoek mag ontvangen, voel ik mij erg eenzaam.” Nol Link, op 2 juni 1933 in Amsterdam geboren, begon zijn ambtelijke loopbaan in Lichtenvoorde. Van daaruit verkaste hij naar Groenlo, volgens zijn zeggen na Amsterdam de mooiste stad van Nederland, alwaar hij zich ten stadhuize wist op te werken tot chef Algemene Zaken en vervolgens tot gemeentesecretaris. Het wonen en werken in ‘t Oosten van het land had ook tot gevolg dat hij Miep Wientjes leerde kennen, waarmee hij bijna zestig jaar gelukkig getrouwd is geweest. Samen kregen zij drie kinderen, te weten Monique, Martin en Berry, die respectievelijk woonachtig zijn in Noord-Holland, Friesland en Brabant, en werden opa en oma van vijf kleinkinderen. Vanuit het woonzorgcentrum in Beltrum laat Nol Link telefonisch weten dat hij weinig contacten meer heeft met Groenlo, alwaar hij onder andere jaren achtereen heeft gewoond aan het begin van de Mozartstraat, bijna aan de oever van de Grolse stadsgracht. “Ik ben nog wel altijd lid van de kegelclub UTO, maar ja daar hoor je in deze crisistijd ook niets meer van. Ik probeer de tijd door te komen met lezen, puzzelen en het deelnemen aan de activiteiten in dit huis. Lichamelijk voel ik mij nog wel goed, maar de ziekte van Alzheimer is er de oorzaak van dat het in mijn hoofd niet meer gaat zoals ik dat zelf graag zou willen.”        

Ondanks het alleen zijn, prijs ik mij gelukkig
Zittende op en enthousiast de pedalen beroerende van zijn centraal in de woonkamer opgestelde hometrainer, praat rasechte Grollenaar Jan Maarse, geboren op 5 januari 1937 en dus de leeftijd hebbende van 83 jaar, honderduit over zijn levenservaringen. Praktisch alleen maar mooie herinneringen aan zijn bijzonder werkzame leven, dat reeds op jonge leeftijd begon in het uit zeven kinderen bestaande kruideniersgezin Maarse aan de Winterswijkseweg, komen voorbij. “Bij de opkomst van de supermarkten, ben ik bij de Elka gaan werken en toen daar het faillissement zijn intrede deed, ben ik in het horecawezen verzeild geraakt en dat in de functies van glazenophaler tot buffetbediende en van kelner tot kassakracht. Ondanks dat ik bij ontelbare horecazaken in Groenlo en omgeving dag en acht heb gewerkt, heb ik er altijd onvoorstelbaar veel plezier aan beleefd en koester ik de mooie herinneringen.” Na het overlijden van echtgenote Riet te Braak, en dat in december 2018 op 76-jarige leeftijd, staat Jan er thuis in zijn woning aan de Sweelinckstraat alleen voor. Geconfronteerd wordende met die opmerking, haast hij zich om te zeggen dat dochter Claudia en zoon Tom, waarop hij op ieder moment van de week een beroep kan doen, gelukkig dicht in de buurt wonen. “Die welkome meevaller omarm ik vanzelfsprekend, zoals ik ook apetrots ben op de drie kinderen van Claudia en Wiljon, die als kleinkinderen heel veel voor mij betekenen. Voor het overige red ik mij prima, heb enkele malen per week huishoudelijke hulp, fiets veel en dat bij voorkeur in het nabijgelegen, natuurschoon-rijke Zwolle en maak vaak autoritjes. Verder ben ik lid geworden van Seniorenvereniging Groenlo, hetgeen mij bijzonder goed bevalt. Natuurlijk, alleen is maar alleen, maar mijn gehele levenssituatie in ogenschouw nemende, prijs ik mij gelukkig ondanks de mij overkomen eenzaamheid.”

Volgende keer in deze rubriek: Antoon Rouw en Trees Zieverink.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden