Buiging

Buiging

Buiging

Er blijven gelukkig altijd mensen bestaan met gevoel voor het sociale leven dat in kleine plaatsen af en toe behoorlijke knauwen oploopt of dreigt op te lopen, beste Grollenaren. Dat zijn mensen die positief zijn ingesteld, een woord dat op dit moment overigens als negatief wordt ervaren. Ik ben gelukkig negatief hoor ik op de teevee roepen, maar je moet dat dan nu positief uitleggen. Een mooi voorbeeld van een echte positieve instelling hoorde ik in Beltrum, waar ook de laatste horecazaak dreigde te verdwijnen. Dat zou dan uitlopen op een horeca-loos kerkdorp, een gruwel als je het mij vraagt. Ik kom daar dadelijk nog op terug. Maar er zijn daar gelukkig enkele initiatiefnemers die ervoor zorgen dat dit gruwelbeeld geen werkelijkheid wordt. Mooie actie.

Het is overigens opvallend dat je dit verschijnsel van het redden van een horecabedrijf in meerdere omringende plaatsen ziet gebeuren of zag gebeuren. Hier in Groenlo mag ik wijzen op de nu aansprekende horecavoorziening Welgelegen. Het behoud van dit object is ook het gevolg van een positieve instelling van een ondernemer zonder wie de poging tot het in stand houden van deze voorzienig naar mijn voorzichtige inschatting een kansloze missie zou zijn geweest. In Lichtenvoorde heb je de karakteristieke horecavoorziening de Koppelpaarden, waar een aantal ondernemers de handen ineen heeft geslagen en het pand totaal heeft gerenoveerd zonder dat het aansprekende gezicht verloren is gegaan.

Met horecapanden is eigenlijk iets bijzonders aan de hand. Dergelijke voorzieningen vervullen een functie die uitstijgt boven de logica. Als je kil, koel en puur rationeel redeneert dan zijn die voorzieningen niet echt nodig. Dan kom je op de basale gedachte dat je ook wel een biertje of een wijntje thuis kunt drinken. Bovendien is dat aanmerkelijk goedkoper en als je een ‘knieperd’ bent dan is dat een verrekt steekhoudend argument en kun je je thuis dus zitten te verkneukelen dat je zowel goedkope drank hebt als een beter saldo.

Horecabedrijven hebben het - ook in kleinere plaatsen - in de loop van de tijd toch al moeilijker gekregen omdat het cafébezoek in zijn oude vorm eigenlijk niet meer bestaat. Een cafébaas redt het niet meer door alleen maar goedgemutst achter de tapkast te staan in afwachting van zijn stamgasten. Hij moet een krachtdadig, doortastend en initiatiefvol ondernemer zijn die zijn waren en diensten met vakmanschap en elan presenteert en steeds met nieuwe ideeën komt. Overigens snak ik zelf altijd nog stiekem naar de echte originele cafébaas en een kroeg waar alle moderniteiten ontbreken, maar waar dat gemis dan ruimschoots wordt gecompenseerd door het markante optreden van de kroegbaas.

Heeft een plaats geen kroeg, dan mis je veel. Het mooie van kroegen is dat er ideeën opborrelen, dat er altijd iets wordt bedacht. Dat komt door de sfeer die je elders niet aantreft, het gist en het borrelt, de koppen dicht bij elkaar, de ellebogen op tafel of hangen aan de tapkast; die sfeer krijg je niet in een klaslokaal of kille vergaderruimte.

We leven nu al bijna een jaar in een situatie dat we die horeca moeten missen en zij ons. Voor mensen met enig gevoel voor traditie, voor een wat franjevoller bestaan is dat een hel. De televisie biedt veel maar niet dat extra’s wat het leven wat vrolijker maakt.

Het is met horeca een stuk aardiger. Ik word me daar steeds meer van bewust. Die horeca heeft het nu erg moeilijk en ik vrees dat het nog wel even voortduurt.

Maar de kansen zullen keren; dat ook in coronatijd mensen initiatieven nemen tot behoud van die horeca maakt diepe indruk op me.

Een buiging dus voor hen.


Torenwachter

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden