Onlandse tijdingen | Het verdwijnen van cultuurgoed

  Column

Cafés met een leestafel, met kranten, hoeveel zijn er daar nog van?

Hier in het stadje aan de IJssel ken ik er drie, geloof ik, maar allicht zijn er meer.

In Utrecht is een café dat naast Nederlandse kranten ook buitenlandse aanbiedt en dat toepasselijkerwijs Le Journal heet, maar in de Achterhoek vind je buitenlandse kranten al een jaar niet meer, ofschoon de streek toch een lange grens met Duitsland heeft. 

Dat geldt overigens voor alle grensstreken; de importeur van die kranten - Audax met zijn werkmaatschappij Betapress - vond het commercieel niet meer de moeite waard om een distributienetwerk voor het oosten van Nederland overeind te houden. Dat had deels met corona te maken, toen alle importen stil lagen, maar daarna werd van de gelegenheid gebruik gemaakt om die aanvoer maar voorgoed te staken en alleen nog de Randstad van buitenlandse kranten te voorzien.

Een luid protest hiertegen heb ik niet vernomen, al zal een enkele kioskhouder, ook met het oog op Duitse klandizie, hebben geklaagd. Ik vind het diep treurig dat hele streken nu van deze nieuwsvoorziening verstoken blijven, deze blik over de grenzen, in andere culturen. Z’n mager rek met vijf of zes Nederlandse kranten, dat werpt ons terug naar provincialisme en naar geestelijke benauwdheid. 

Onlangs was ik even in Berlijn, waar in cafés de leestafels volop in ere worden gehouden, of liever de wandrekken met kranten, hier en daar nog met kranten op stokken. Het aanbod is groot, naast grote landelijke edities als van de Frankfurter Allgemeine, de Frankfurter Rundschau en de Süddeutsche ook stadskranten als de Tagesspiegel, de Berliner Zeitung en de Berliner Morgenpost, aangevuld met buitenlandse kranten als The New York Times, de Neue Zürcher en Le Monde. 

Kijk, zo haal je de wereld binnen. Weltoffenheit, noemen de Duitsers dat, ze willen nooit meer op zichzelf aangewezen hoeven zijn. 

Ik weet niet of met de doorgifte van buitenlandse televisiezenders en kanalen geld gemoeid is, ik vermoed van wel, maar het zou toch aderlating zijn als Duitse, Engelse of Franse zenders zomaar van de buis verdwenen, zelfs wanneer ze nog maar door een gering aantal mensen werden bekeken? 

Maar alles is digitaal verkrijgbaar, kan men tegenwerpen, kranten, tv-zenders, wat ook maar, maar ik hecht aan papier, ook aan het papier van deze krant, die in diverse benamingen bij al die huishoudens in de Achterhoek in de bus valt, als de bezorgers tenminste een goede dag hebben. 

De papieren krant wordt al jarenlang dood verklaard, en er is zeker een toename van digitale abonnementen nu de kranten er een betaalmodel voor hebben gevonden, maar het bladeren en het geritsel is taaier dan gedacht, en nog is het dictaat van de schermen niet overal gevestigd. Ook de opkomst van e-books lijkt vooralsnog te zijn afgevlakt. 

Tegen Audax zou ik willen zeggen: hervat de distributie van buitenlandse kranten door het hele land. Dus ook in de Achterhoek. Breid de distributiepunten zelfs uit. 

Dit is niet zomaar commercie, dit is cultuurgoed. 

Wim Boevink

Gerwin Nijkamp
Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden