
Opdat wij niet vergeten
OpinieDe komst van een McDonalds tegen proberen te houden, dat moet iedereen zelf weten. “Gezondheid van de jeugd”, dacht ik… Man ga toch fietsen. En toen werd afgelopen week het monument voor het Rijkswerkkamp in Lievelde genoemd als argument tegen. Ik ben hoogst verontwaardigd.
Ik zal proberen uit te leggen waar mijn gevoel vandaan komt.
Mijn opa had Joden in huis. In de Schoenmakerstraat in Harderwijk, begin jaren veertig vorige eeuw. Je deed wat je kon in die tijd, en dit deed hij. Toen hij verraden was door een buurman verhuisde hij naar een kippenhok bij een boerderij. Mijn moeder verloor daarmee haar vader toen ze nog geen tien was.
Toen opa toch na een jaar kippenhok een keer zijn gezin wilde zien werd hij opgepakt en in het Apeldoornse gevang gegooid. In maart 1945 werd er bij een overval op een Duitse wagen per ongeluk een aanslag gepleegd op Rauter, hoofd van de SS. Als represaille daarop zijn er honderdzeventien mannen vermoord, waaronder Hendrik Langen, mijn opa. Vlakbij herberg Woeste Hoeve. Naast de (nu) A50, aan de Oude Arnhemse weg. Op acht maart, twee maanden voor de bevrijding. Zeven kindertjes liet hij achter van wie de jongste hem nooit heeft gezien. De ellende die dit in de familie Langen heeft veroorzaakt, daar heb ik heden ten dage nog last van.
Op vier mei 1992 is er een monument onthuld waarop de namen van alle honderdzeventien slachtoffers staan geschreven. Mijn opa leeft voort. Elke acht maart is er een herdenking. Elke vier mei huil ik tijdens het Wilhelmus.
Het monument ligt enorm afgelegen. Kinderen bezoeken herberg de Woeste Hoeve niet. Knooppuntenroutes worden vooral gefietst door zestigplussers en die weten nog wel wat er gebeurde, tachtig jaar geleden.
Monumenten zouden gezien moeten worden. Het kamp in Lievelde zou gezien moeten worden. We hoeven niet te stoppen met eten uit respect voor de mensen die daar zwaar geleden hebben. We moeten herinneren. Vertellen wat er gebeurd is. De plek aanwijzen. Kijk kinderen, daar gebeurde het.
En daarom gun ik mijn opa een McDonalds. Aan de Oude Arnhemseweg in Beekbergen. Opdat er kinderen komen naar zijn monument. Opa’s en oma’s met kleinkinderen, die na het Happy Meal uitleggen wat dat voor glazen plaat is en wat al die namen daar doen. Ik gun mijn opa, die andere honderdzestien mannen, en alle andere mannen en vrouwen voor wie ooit monumenten zijn opgericht, dat er kinderen voorbij komen. Dat ze er op de stoepjes spelen, dat ze er patat eten zoals de toeristen op het Monument op De Dam, dat er gedronken wordt zoals in café Koosje tegenover de Hollandse Schouwburg en dat er gepraat wordt. Gepraat, gelachen, herinnerd, gehuild en geproost.
Opdat wij, inderdaad, niet vergeten.
Mirjam van Erp
Beltrum










