Mark Hessels (links) en Bert van Jaarsveld van Vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek wegen, meten en ringen torenvalkenkuikens. Foto: Jos Betting

Mark Hessels (links) en Bert van Jaarsveld van Vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek wegen, meten en ringen torenvalkenkuikens. Foto: Jos Betting

‘Dat een torenvalkpaartje een tweede nest legt, is echt heel bijzonder’

Natuur

Vogelwerkgroep ringt tweede leg torenvalkkoppel

LIEVELDE - Het gaat goed met de torenvalk dit jaar. De muizenpopulatie kent dit jaar op veel plaatsen een piek, en muizen staan bovenaan de menulijst van de torenvalk. In het buitengebied van Lievelde heeft een paartje zelfs een tweede nest uitgebroed, en dat is heel uitzonderlijk. In heel Nederland zijn er dit jaar maar enkele paartjes bekend die dat hebben gepresteerd. De Vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek klom de ladder op om de jongen te ringen.

Door Dinès Quist

“Dat een paartje een tweede nest legt, is echt heel bijzonder”, vertelt Mark Hessels van Vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek. “Dat heb ik nog niet eerder meegemaakt.” Aan de nok van de gevel van een boerenschuur hangen twee nestkasten. Eigenlijk zijn het bosuilenkasten, maar dit torenvalkpaartje huist er ook prima. In de ene zijn eerder in het seizoen al zes torenvalken grootgebracht. Die zijn inmiddels uitgevlogen en in de kast ernaast zitten nu vijf gezonde kuikens.

Sterk paartje
“Twee nesten in één seizoen, dat getuigt van een heel sterk paartje. Het mannetje zorgt in zijn eentje voor voedsel, zolang het vrouwtje broedt of de kleine kuikens verzorgt. Normaal jaagt het vrouwtje mee zodra de jongen groot genoeg zijn. Maar omdat ze nu haar tweede legsel uitbroedde, terwijl de jongen van het eerste nest nog niet zelfstandig waren, moest het mannetje in zijn eentje zowel de jongen van het eerste nest en het broedende vrouwtje voeren. Intussen kwamen de jongen van het tweede nest uit en begon de intensieve taak opnieuw, totdat het vrouwtje na ongeveer anderhalve week weer mee kon jagen. “Wanneer de jongen uitvliegen, beginnen de vlieglessen, daarvoor kijken ze de kunst af bij hun ouders. Ze moeten perfect leren vliegen, anders lukt het hen niet om een prooi te vangen. Tijdens die oefenperiode worden ze nog bijgevoerd door de ouders. Jonge torenvalken zijn nog niet erg handig in het vangen van muizen. Daarom beginnen ze met grote insecten.”

Wegen, meten en ringen
Voor onderzoek worden de kuikens geringd. Deze keer klaren Mark en Bert van Jaarsveld deze klus namens hun ringgroep. Een primitief consultatiebureau wordt klaargezet op het erf en Mark klimt met een emmer de ladder op. Vanuit de boom houden de torenvalkouders het tafereel nauwlettend in de gaten. “Soms proberen de ouders me weg te jagen. Daarom draag ik iets op mijn hoofd ter bescherming.” Heel voorzichtig haalt hij de jongen één voor één uit de kast. Grijsdonzige kuikens kijken met hun grote, ronde oogjes hun belager gespannen aan. De jonge torenvalkjes worden gewogen, gemeten en geringd. Om ze na de meting rustig te maken, legt Mark de kuikens onder een handdoek. Dat werkt uitstekend. Uiteindelijk liggen er vijf pluizige, geringde kuikens knus tegen elkaar aan gekropen op een hoopje. Na het consultatiemoment van een kwartier wordt het vijftal weer teruggeplaatst. “We houden de jongen in de in de gaten door nog een extra controle te doen voordat ze uitvliegen. Dat is puur voor onderzoek, ingrijpen doen we niet, de natuur moet zijn gang gaan.”

Gezonde kuikens
Aan de hand van de gegevens kan Mark zien wat de conditie en de leeftijd van de kuikens zijn. “Ze zijn jonger dan ik dacht. De jongste is 19 dagen en de oudste 21 dagen oud. Over ongeveer tien dagen zullen ze uitvliegen. Hun geslacht kan ik nog niet bepalen, dat is pas zichtbaar vanaf een leeftijd van 25 dagen. Hun conditie is goed. Nu maar hopen dat de omstandigheden gunstig blijven.” Dat het allemaal gezonde, volwassen torenvalken worden, is niet reëel. Meer dan de helft van de uitgevlogen kuikens overleeft het eerste levensjaar niet. Ze vallen ten prooi aan andere roofvogels, worden aangereden in het verkeer of overleven hun eerste winter niet. De unieke code die op de ring staat, is gekoppeld aan de informatie over de vogel, die wordt opgeslagen in een landelijke database. “Als iemand een vogel vindt, hopen we dat daarvan melding gedaan wordt. Zo krijgen we inzicht in waar de vogel zich bevindt en hoe oud hij geworden is.”

Op de rode lijst, hersteljaar is welkom
Toch staat de torenvalk nog op de rode lijst. De soort dreigde uit het Nederlandse landschap te verdwijnen. Eén goed jaar, is geen garantie voor de toekomst. Er zijn nog heel veel goeie jaren voor nodig om de populatie torenvalken weer op gezond peil te krijgen. Daarom werd 2025 zelfs uitgeroepen tot het Jaar van de Torenvalk. Of die aandacht heeft geholpen, is niet duidelijk, maar dat het dit jaar landelijk gezien een stukje beter gaat met de roofvogel is een feit. “Dat heeft grotendeels te maken met een zachte winter en een explosieve muizenpopulatie dit jaar. In één broedseizoen worden er door de jongen zo’n duizend muizen verorberd. Ook de weersomstandigheden zijn gunstig. De winter was zacht en het weer rustig, waardoor tijdens de nestfase hun jacht op prooien nauwelijks werd verstoord.”

Torenvalk helpen?
Wil je ook een nestkast ophangen? Neem dan contact op met de werkgroep voor de beste aanpak. Kijk voor meer informatie over Vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek op wgzoa.nl. Een melding maken van een geringde vogel kan via: vogeltrekstation.nl/pages/terugmeldformulier.

Torenvalkenpaartje legt twee nesten in één seizoen in deze bosuilenkasten aan boerenschuurgevel in Lievelde.
Mark Hessels haalt torenvalkkuikens uit nest om ze te ringen. Foto: Jos Betting
Torenvalkkuikens wachten tot ze geringd worden voor onderzoek.
Mark Hessels ringt een torenvalkkuiken.
Mark Hessels ringt een torenvalkkuiken.
Het nestje jonge torenvalken.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant