Yoga met uitzicht op kasteel Oolde. Foto: Jessie Kamp

Yoga met uitzicht op kasteel Oolde. Foto: Jessie Kamp

Jessie Kamp

Zwetende zonnegroeten en improviseren in het moment

Cultuur

LAREN - Onder een strak blauwe hemel nemen zo’n honderd mannen en vrouwen plaats op het grasveld van de rozentuin met uitzicht op kasteel Oolde. Met de ambient geluidscollages van UGI op de achtergrond, het alterego van muzikant/producer Erik Harbers (Roosbeef, Automatic Sam, Pieter Derks en De Niemanders), zakken de aanwezigen steeds verder in het gemaaide gras of de yogamat. De vroege Mañana Mañana bezoekers zien zichzelf vervolgens vrij snel in diverse gebogen houdingen liggen en de eerste tekenen van transpiratie verschijnen. Na een zwik zwetende zonnegroeten komt het einde in zicht en liggen enkele bezoekers op hun rug een ritmisch tikkende grote teen te onderdrukken. Naast de sfeervolle muzikale bijdrage van Harbers, dreunen namelijk ook de klanken van een soundcheck van een naast gelegen podium door. We zijn natuurlijk wel op een festival.

Door Meindert Bussink 

Aanpassingsvermogen
Wanneer een bezoeker de Hummelose yoga docent Petra Boomsma na afloop vraagt of ze geen last had van de band, wijst ze op haar observerende aanpassingsvermogen dat yoga en meditatie haar geeft: “Ik stoor me niet zo aan geluid. Ik ben ook kleinere settings gewend met matje aan matje en dan hoor je ook veel geluiden”. Harbers vult aan: “Ik probeerde mijn muziek telkens aan te passen aan de grondtoon van die band ernaast, dan ontstaat er een soort harmonie.”
Deze lenigheid in denken en handelen van Harbers en Boomsma zijn wellicht metaforisch voor de creatieve organisatie achter dit idyllische Achterhoekse festival. Zo lanceerde de Feestfabriek bijvoorbeeld tijdens de lockdown in 2021 al eigen Zwarte Cross Sneakers. Hoe hebben zij de afgelopen tien jaar het hoofd koel gehouden met alle veranderingen voor, tijdens en na de coronajaren?

Verhuizingen en noodzakelijke groei
Tien jaar geleden begon het festival in Hummelo, ‘ver weg van de grijze massa’. Omdat de grond in Hummelo na een festivalweekend niet goed genoeg kon herstellen, verhuisde het festival in 2017 voor enkele jaren naar de kasteeltuin in Vorden, op het terrein van Geldersch Landschap en Kasteelen. Vanwege corona moest in 2012 naar een nieuwe datum worden gezocht en bleek kasteel Vorden niet meer beschikbaar. Het festival bij Kasteel Oolde in Laren; weer een nieuwe locatie. Om het festival rendabel te houden stegen de dagelijkse bezoekersaantallen door de jaren heen van 3.000 naar 8.000 en veranderde het decor, maar door telkens een groter terrein, bleef de relaxte sfeer behouden.
Onder een schaduwrijke tent blikken we met organisatoren Rens den Hartog, Johan Kampman en Erik Dreteler terug op de afgelopen jaren. Om te beginnen bij het eerste idee voor Mañana Mañana aan de tekentafel. Waarom nog een festival naast de Zwarte Cross? “We wilden een knusser festival met natuurlijke materialen”, weet Dreteler zich te herinneren. “De ambitie was om na vijf jaar quite te draaien en dat lukte. In de aanloop naar deze editie bleef de kaartverkoop wat achter, maar op dit moment worden nog steeds last minute kaarten verkocht.” Kampman vult aan: “Vorig jaar had iedereen door de lockdown wat gespaard en merkte je dat in de verkoop, maar dat is nu niet meer voor iedereen weggelegd. Daarnaast zijn er ook heel veel andere leuke dingen te doen.”
Tijdens de coronaperiode zag je dat veel mensen uit de festival-wereld noodgedwongen overstapten naar bijvoorbeeld de bouw. Wat heeft Mañana Mañana daar van gemerkt? Dreteler: “Veel mensen ontdekten dat ze ook van negen tot vijf konden werken en dan in het weekend vrij zijn. Daardoor zijn veel mensen niet meer teruggekeerd naar de sector, maar omdat de markt weer aantrekt zie je inmiddels ook wel weer nieuwe mensen verschijnen.”

Oefenfestival improviseren in het moment
Kampman geeft aan dat Mañana Mañana dan een fijn oefenfestival is voor de Zwarte Cross. “Je kunt er dan even inkomen, om alle kinderziektes eruit te halen. Met name voor nieuwe medewerkers is het toch altijd fijn om even in een kleinere setting te oefenen.” Erik knikt instemmend: “Achter het bureau met een terreintekening is toch anders dan als je daadwerkelijk op het veld loopt. Vroeger was Mañana Mañana na de Zwarte Cross, maar dat kostte wel heel veel energie. Dan was je bekaf van de Cross en dan dacht je: ‘Oh ja, nu moet Mañana Mañana ook nog.’” “Moet je nagaan hoe hij er dan uitziet,” lacht Johan.
Verandering en aanpassen aan de omstandigheden is eerder regel dan uitzondering in de festivalwereld. Zo kan Kampman zich nog een editie met hevige regen en onweer herinneren, waarbij alle bezoekers werden verzameld onder een grote tent: “Een collega begon toen wat te spelen op drumstel, en de Britse blues zanger en gitarist Jack Broadbent begon mee te jammen. Vervolgens regelde geluidsbedrijf Showline snel wat versterking en we waren getuige van een unieke geïmproviseerde show.”
Hoe zien de heren de toekomst van het zinnenprikkelende familiefestival?
“Als we in de toekomst alle dagen uitverkopen en deze relaxte sfeer kunnen behouden, dan zijn we tevreden. We hoeven niet te groeien naar bijvoorbeeld 20.000 dagelijkse bezoekers. We hebben ook bewust overal veel ruimte gehouden en in vergelijking tot veel andere festivals staat hier veel meubilair”, aldus Dreteler.
Tegen de heersende trend van alsmaar meer, pleiten de Feestfabrieksmedewerkers gewoon voor behoud van knusse gezelligheid en een ontdekkingsplek voor muziek en gastronomie. Hopelijk niet weer verhuizen, maar gewoon hier in Laren de bezoekers uit hun dagelijkse sleur halen. Na afloop van de yoga sprak Harbers over zijn geïmproviseerde composities in een mooie metafoor voor Mañana Mañana. “Het gevaar is dat je teveel noten wilt spelen, maar je moet juist de rust bewaren en ook niet denken dat de muziek ergens heen moet. Je hoeft helemaal nergens heen en gewoon improviseren in het moment”.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant